Vrouw en dakloos

Op 13 januari vond in pakhuis De Zwijger het debat 'Vrouwen zonder huis' plaats. Namens Blijf Groep nam Jolanda Vader deel aan het debat. Lees het het blog van collega Suzanne Struiksma over deze avond.

Hoe is het om als vrouw in Amsterdam geen huis te hebben? Daarover debatteerden maandagavond 13 januari een heel aantal vrouwen – en hier en daar een man -  die het kunnen weten. Een volgepakte zaal in Pakhuis de Zwijger was het toneel van het 3e debat van Femcity.

Aan het woord kwamen ervaringsdeskundigen, managers uit de hulpverlening, een straatpastor en ene onderzoeker. De ervaringsverhalen waren heftig, soms doorspekt met verdriet of bitterheid over het gebrek aan hulpverlening. Kinderen niet bij je kunnen houden in de opvang. Terugvallen in verslaving of prostitutie. Termen als ‘zelfredzaamheid’ werden niet zonder cynisme gebruikt.

Al in het eerste verhaal blijkt: in de dak-en thuislozen wereld hebben vrouwen een bijzondere positie. Ook al vertegenwoordigen ze een kleinere groep, deze groep is kwetsbaar. Minder zicht.

De sprekers pleiten dan ook bijna in koor voor specifieke benadering van (multi-)problematiek bij vrouwen. Jolanda Vader, manager primair proces bij Blijf Groep: “Als hulpverleningsorganisaties hebben we allemaal een eigen specialisme, en het is belangrijk elkaar op te zoeken en krachten te bundelen.”

Maar hoe zit het dan met het tekort aan plekken? Alle wachtlijsten zijn vol, en om in aanmerking te komen voor een plek, moet je voldoen aan allerlei eisen – of ‘genoeg’ problemen hebben. Dat maakt soms dat een cliënt al snel het gevoel heeft de regie kwijt te raken. Of als deze regie wel wordt gegeven, in het kader van zelfredzaamheid, is er weer te weinig begeleiding of coaching op de achtergrond. Je voelt je al snel een nummer. Je doet niet meer mee.

Onderzoeker Jante Schmidt (Universiteit voor Humanistiek) geeft aan waardigheid enorm belangrijk is. Hoe kun je als dak-of thuisloze je waardigheid behouden? Hoe blijf je een persoon, geen nummer? Ook straatpastor Hannah Wapenaar wil graag oog hebben, en tijd, voor de hele mens. Hulpverleners uit de zaal knikken instemmend. Dat weten – en willen – ze ook wel, maar door regeldruk en tijdsgebrek is dat in de praktijk soms lastig.

Ligt de oplossing van het probleem in meer plekken creëren? Niet alleen maar. De groei van het aantal dak- en thuislozen lijkt vooral te zitten in economische dakloosheid. Dat vereist vooral preventie: hoe kun je voorkomen dat iemand op straat belandt.

Jolanda Vader: “Voor veel vrouwen gelden relaties als strategie om een woonplek te houden, of krijgen. Ook als die relatie ongezond is, of zelfs gevaarlijk. Deze vrouwen komen niet in beeld in de dakloosheidscijfers. Maar ook zij zitten zonder veilige thuisplek.”

Vanuit de zaal klinkt geluid dat de politiek moet ingrijpen, de gemeente moet meer doen voor deze groep. Maar volgens meerdere sprekers ligt de bal ook bij ons, de hulpverleners. Als wij met goede voorstellen en initiatieven komen, en bereid zijn om samen te werken, is er veel mogelijk.

Ook al lossen we in één avond het probleem niet op, dat er aandacht voor nodig is, dat is duidelijk. Ervaringsdeskundige Sonja Groot Obbink vat het mooi samen: “Ik heb echt heel veel gehad aan de hulpverlening. Zij waren er toen ik het echt zelf niet meer kon. Maar uiteindelijk moet je het toch zelf doen.”

Met af en toe, op het juiste moment een zetje in de rug. Dat wel.

 

 
 

Voor hulp:

Voor hulp, advies en informatie belt u:
088 234 24 50

 

In geval van nood:

Neem geen risico

Bel 112